Financiële ondersteuning in de Bbz en de verrekening

Het Besluit Bijstandsverlening Zelfstandigen (Bbz) is ingesteld om de uitstroom uit de bijstand te bevorderen en instroom in de bijstand vanuit de WW te voorkomen. Zelfstandigen die een eigen bedrijf willen starten of tijdelijk ondersteuning nodig hebben kunnen van deze regeling gebruik maken.
De regeling houdt in dat u financiële ondersteuning krijgt. Waar deze uit kan bestaan en hoe later de verrekening plaats vindt, leest u hieronder.

Een periodieke uitkering

Euro biljettenOm te voorzien in uw levensonderhoud krijgt u minimaal een uitkering tot bijstandsniveau. Dat is een voorschot in de vorm van een renteloze lening. De hoogte wordt bepaald door het te verwachten netto-inkomen uit eigen bedrijf.
Na afloop van het boekjaar (meestal het kalenderjaar) wordt gekeken naar wat u werkelijk verdiend heeft en dat wordt verrekend. Hoe precies dat kunt u hieronder lezen.
U kunt als startende ondernemer maximaal 36 maanden een periodieke uitkering krijgen.

Bedrijfskapitaal

U kunt als startende ondernemer maximaal € 35.393 (per 1 januari 2015) een bedrijfskapitaal ontvangen in de vorm van een rentedragende lening (8% vanaf 2009).
De lening moet in maximaal 10 jaar worden afgelost, maar meestal wordt een kortere termijn van 5 jaar aangehouden afhankelijk van wat u redelijkerwijs zo snel mogelijk kunt terugbetalen. U dient 50% van datgene wat u verdient boven de bijstandsnorm te gebruiken om af te lossen.
Bij beëindiging van het bedrijf en de Bbz-regeling wordt het resterende deel van de lening omgezet in een renteloze lening.
Kunt u helemaal niet terug betalen dan kan de lening omgezet worden naar een lening om niet. U hoeft de lening dan niet terug te betalen.

Begeleidingskosten

Daarnaast zijn er nog financiële vergoedingen mogelijk voor begeleidingskosten in de voorbereidingsperiode en gedurende het eerste jaar na de start van de onderneming.

Verrekening periodieke uitkering

De periodieke uitkering wordt altijd als voorschot Euro's als voorschot of lening in het kader van de Bbz. verstrekt in de vorm van een renteloze lening. Na afloop van het boekjaar moet u de definitieve jaarcijfers bij de gemeente inleveren. Ligt uw bedrijfsresultaat uit uw bedrijf en eventuele andere inkomsten in het afgesloten boekjaar onder de bijstandsnorm, dan wordt de uitkering omgezet in een lening om niet. U mag wel een deel van uw bedrijfsresultaat houden, de forfaitaire aftrek (21% in 2014; 20% in 2015). Hieronder een voorbeeld-berekening voor een alleenstaande ouder in 2014.

Voorbeeldberekening 2014

Bepaling netto-jaarinkomen
Winst uit onderneming (resultaat) 10.564,00
Forfaitaire aftrek (21%) 2.218,44
———–
Te verrekenen inkomen 2014 8.345,56
Berekening jaarnorm 2014
Alleenstaande oudernorm jan. t/m juni: 6 x € 948,18 5.689,08
Toeslag 6 x € 270,91 1.625,46
Alleenstaande oudernorm juli t/m dec.: 6 x € 951,64 5.709,84
Toeslag 6 x € 271,90 1.631,40
————-
Totale jaarnorm 2014 14.655,78
Verrekening leenbijstand 2014
Totale jaarnorm 2014 14.655,78
Af: te verrekenen inkomen 2014 -8.345,56
Af: ontvangen alimentatie 2014 -2.070,00
————-
Maximale bijstand om niet in 2014 4.240,22
Af: reeds verstrekte leenbijstand 2014 3.256,73
————-
Nog te ontvangen leenbijstand 2014 983,49

In deze voorbeeldberekening is uitgegaan van een verstrekking van de leenbijstand gedurende het hele jaar. Is er maar een gedeelte van het jaar leenbijstand ontvangen, dan berekent u de maximale periodenorm voor dit gedeelte. Het laagste maximum (maximale bijstand om niet of maximale periodenorm) is voor u van toepassing. Daar wordt dan de reeds verstrekte leenbijstand mee verrekend.

In de verrekening is rekening gehouden met de ontvangen alimentatie voor de kinderen, maar dit kunnen ook andere neveninkomsten zijn, bijvoorbeeld die uit een tijdelijk baantje.
Let op: met ingang van 2015 is de toeslag voor alleenstaande ouderen in de bijstand vervallen.

Omzetting in lening om niet

In bovenstaand voorbeeld is gekeken naar de afrekening over het jaar 2014. Deze vindt plaats in 2015. Op dat moment wordt de verstrekte en nog te verstrekken leenbijstand 2014 omgezet in een lening om niet. Een schenking als het ware. Of anders gezegd, een definitieve uitkering.
Hierover moet dan wel op dat moment loonbelasting afgedragen worden door de gemeente. De gemeente doet dat dan ook. Maar op dat moment wordt het ook inkomen voor u. dat inkomen telt dus mee in 2015!
Meer informatie over welke uitkeringen of leningen in het kader van Bbz belasting afgedragen moet worden, is te vinden in de Rekenregels en handleiding loonheffingen over bijstandsuitkeringen, die elk jaar door de belastingdienst worden gepubliceerd. De meest recente zijn die van 2015.

Terug betalen toeslagen

Wanneer een (renteloze) lening wordt omgezet in een lening om niet dan is dat per definitie na afloop van het boekjaar.  En hier kunnen vervolgens problemen ontstaan. Niet zozeer met de inkomstenbelastingen (er wordt per slot van rekening netjes loonbelasting ingehouden) maar met de toeslagen. Meer hierover in het artikel ‘Stoppen met de BBZ en het terug betalen van de huurtoeslag’.

Meer informatie

De precieze regeling van de Bbz en de verrekening van voorschotten en leningen is natuurlijk ingewikkelder dan hier in het kort geschetst kan worden. Ik geef hier alleen de hoofdlijn. Voor alle ins en outs moet u het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 er op na slaan.

4 Replies to “Financiële ondersteuning in de Bbz en de verrekening”

  1. Dan heb ik nog een vraag:
    Als je anderhalf jaar BBZ hebt gehad, is de gemeente dan verplicht om een verkort boekjaar te hanteren bij de eindafrekening?
    Voorbeeld: Heel 2014 en in 2015 t/m juni BBZ (levensonderhoud). Vanaf juni 2015 alleen inkomen uit loondienst.

    • Dat dit een verplichting is, kan ik me niet voorstellen, maar ik ken de wet daarvoor niet voldoende. Verder weet ik niet precies wat je bedoelt. Er moet op enig moment afgerekend worden. Als er over 2014 nog geen verrekening heeft plaats gevonden en over 2015 kan dat al op het moment dat de BBZ gestopt is, dan zal de verrekening van beide plaats kunnen vinden in 2015. Wel per jaar apart lijkt mij.

  2. Mag de gemeente de eindafrekening alleen per boekingsjaar doen of -in geval je bijv. anderhalf jaar BBZ hebt gehad- deze ook over de hele periode verrekenen ( dus over anderhalf jaar)?

    • Beste Guinevere,

      Ik heb wel vaker gehoord dat dit gedaan werd, maar ik weet eerlijk gezegd niet wat officieel mag of niet mag. In ieder geval is het moment van afrekening bepalend voor het moment dat het meetelt voor je inkomen. In de oud situatie dan, dus voor 1 januari van 2017.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*